|
Arbeiders en bedienden,
schouder aan schouder
|
In de grafische nijverheid werken om en bij
de 16.000 mensen. De sector telt voor het
overgrote deel kleine ondernemingen, met
minder dan 50 werknemers. Opvallend is ook
de snelle evolutie van de functies, mee met
de hoge v lucht
van de druktechnologie. Dat brengt ook
verschuivingen mee van het statuut van
arbeider naar dat van bediende. Vier mensen
op tien in de sector werken nu onder een
bediendestatuut.
De hele evolutie vraagt
nauwgezette opvolging van de
ABVV-vakbondsvertegenwoordigers. Delegees
van de bediendencentrale BBTK en van de
Algemene Centrale moeten nauw met elkaar
samenwerken. We vroegen een woordje uitleg
aan drie delegees die deelnamen aan de
tweedaagse bijeenkomst die de Algemene
Centrale onlangs organiseerde.
“We zien in onze sector de statuten
van bedienden en arbeiders in elkaar
vloeien. Maar we moeten dat natuurlijk goed
in het oog houden. De sociale bescherming
van de werknemers moet intact blijven. Onze
aandacht daarvoor is een uitstekend argument
om campagne te voeren voor de sociale
verkiezingen. Dit is trouwens ook een unieke
kans om te tonen dat arbeiders en bedienden
op een coherente manier kunnen samenwerken.
Daarom hameren we ook zo op het belang van
goede communicatie tussen de Algemene
Centrale en de BBTK”
Dat vertelt Marc Verstraeten uit Zele. En de
Antwerpenaar Eddy Truyen pikt daarop in:
“Vandaag is het vooral noodzakelijk dat er
een nieuwe functieclassificatie in de sector
komt. Det houdt de mensen echt bezig, want
zonder goede classificatie dreigen mensen in
te lage loonklassen ingeschaald te worden.
De grote vraag is hoe we een nieuw systeem
correct kunnen verwezenlijken in de vele
kmo’s van de sector, waar vakbondscontrole
amper bestaat. Er is geen beter voorbeeld om
aan te tonen hoe belangrijk het is syndicale
delegaties te hebben in kleine bedrijven.”
Herwig Kempenaers uit
Turnhout haalt nog andere aandachtspunten
aan. Zo vindt hij dat er moet op toegezien
worden dat de opleidingsdag waar werknemers
recht op hebben goed gebruikt wordt. “Die is
niet bedoeld om te leren hoe je een nieuwe
machine moet gebruiken. Daarvoor dienen de
opzijgezette centen niet. Het moet de mensen
vooruithelpen, aandacht voor veiligheid
bijvoorbeeld, of vervolmaking van
laaggeschoolden.”
|
|
|