COVID-19 tijdens de lockdown erkend als beroepsziekte voor cruciale en essentiële sectoren

De erkenning van COVID-19 als beroepsziekte wordt uitgebreid naar de werknemers uit de cruciale en essentiële sectoren. Het federaal agentschap voor beroepsziektes FEDRIS zal aanvragen tot erkenning aanvaarden voor zover de werkomstandigheden of de aard van de uitgeoefende beroepsactiviteiten het geregeld onmogelijk maakten om tijdens de periode van de nationale lockdown tussen 18 maart en 17 mei 2020 een afstand van 1,5 meter te bewaren bij contact met andere personen. De uitbreiding kwam tot stand door syndicale druk.

Een erkenning als beroepsziekte is interessant voor het slachtoffer aangezien de financiële tegemoetkoming beter is dan bij een gewone RIZIV-uitkering: terugbetaling remgeld, hogere ziekte-uitkering (90% loon), een vergoeding bij blijvende arbeidsongeschiktheid. In het tragische geval van een overlijden is er ook een financiële vergoeding voorzien voor de nabestaanden.

Als je niet tot de betrokken categorieën behoort, maar denkt de ziekte opgelopen te hebben als gevolg van een besmetting op het werk, dan kan je nog steeds een schadevergoeding aanvragen bij Fedris, maar de kans dat je erkend zal worden als COVID-19-slachtoffer is kleiner. Je moet immers bewijzen dat je de ziekte hebt opgelopen in het kader van je beroepsactiviteiten en niet in andere omstandigheden.