Arizona-begroting: waarom bezuinigingen van 18 miljard niet volstaan

Anderhalf jaar lang heeft de Arizona-regering haar hervormingen met dezelfde belofte gerechtvaardigd: de overheidsfinanciën saneren. Maar de cijfers vertellen een ander verhaal. 

In een nog niet eerder gepubliceerd onderzoek heeft onze studiedienst, in samenwerking met de ULB, een overzicht opgesteld van alle begrotingsmaatregelen die sinds het begin van de legislatuur zijn aangenomen. Uit de analyse blijkt een paradox: ondanks bezuinigingen van uitzonderlijke omvang daalt het tekort veel minder dan aangekondigd.  

Deze vaststelling roept een eenvoudige vraag op: werkt de gekozen methode ook echt? 

18 miljard besparingen... met welk resultaat? 

Arizona heeft besparingen van 18 miljard euro goedgekeurd die tegen 2029 moeten worden gerealiseerd.  

Door daar de 7,9 miljard euro aan terugkoppelingseffecten van de hervormingen van de arbeidsmarkt bij op te tellen, hoopte de regering het begrotingstekort aanzienlijk te verminderen.  

De prognoses van het Monitoringcomité van maart 2026 vertellen echter een ander verhaal: zelfs zonder rekening te houden met de oorlog in het Midden-Oosten blijkt dat het tekort noch maar met 7 miljard euro zou dalen. In 2029 zou het nog steeds 35,8 miljard euro bedragen, ofwel 4,9% van het bbp.  

Met andere woorden: er wordt een aanzienlijke inspanning van de bevolking gevraagd, maar het begrotingsresultaat blijft ver achter bij de gestelde doelen. 

De mislukte gok van de bezuinigingen 

Dat is de belangrijkste conclusie van het onderzoek. Een bezuinigingsbeleid leidt niet alleen tot besparingen. Als de koopkracht, de vervangingsinkomsten of de overheidsinvesteringen worden verminderd, wordt de economische activiteit ook afgeremd. Het mechanisme is bij economen bekend: 

  • Huishoudens hebben minder inkomsten.
  • De binnenlandse consumptie en de vraag vertragen.
  • Ook de belastinginkomsten nemen af.
  • Een deel van de gerealiseerde besparingen verdwijnt dan vanzelf. 

Daarnaast is er nog een ander probleem: de overheidsinkomsten blijven dalen, met name als gevolg van de verlagingen van de bijdragen die aan bedrijven worden toegekend. 

De sociale zekerheid wordt opgeofferd 

Om de woede van de werknemers te begrijpen, hoef je alleen maar te kijken op wie de begrotingslasten rusten en wie er van de investeringen profiteert. 

De sociale zekerheid vormt de belangrijkste deel van de bezuinigingen, met 46% van alle nettobesparingen (wat neerkomt op 31,2 miljard euro aan gecumuleerde bezuinigingen). De gevolgen voor ons dagelijks leven zijn direct merkbaar:  

  • Werkloosheid: door de beperking van de uitkeringen tot maximaal twee jaar zullen bijna 173.000 werklozen worden uitgesloten.
  • Pensioenen: door de strengere loopbaanregels en de pensioen-malus zal het brutopensioen van nieuwe gepensioneerden gemiddeld met 2,4% dalen (en tot wel -2,6% voor vrouwen).
  • Gezondheid en zieken: de regering legt een nettobezuiniging van 2,2 miljard op in de gezondheidszorg en is van plan 5,5 miljard te innen ten koste van langdurig zieken door middel van meer controles en sancties.  

De koopkracht daalt sterk 

Ondanks de verkiezingsbeloften is de koopkracht van de Belgen over de hele legislatuur genomen met in totaal 3,4 miljard euro gedaald. Waarom? Omdat de verhoging van de btw en de accijnzen (€ +6,5 miljard) en de gevolgen van de twee gedeeltelijke indexsprongen (€ 2,3 miljard) veel zwaarder op de huishoudens drukken dan de geplande verlagingen van de personenbelasting. Met andere woorden: Arizona geeft met de ene hand… maar neemt met de andere nog meer terug. 

De enige winnaars: het leger en de bedrijven 

Het grootste deel van de nieuwe investeringen is geconcentreerd in twee sectoren: 

  • De nationale defensie is de grootste begunstigde, met 16,8 miljard euro extra investeringen in het leger (wat neerkomt op 92% van de netto-investeringen tijdens de legislatuur).
  • De bedrijven komen uit op 1,5 miljard euro aan netto-investeringen, dankzij een verlaging van 4 miljard euro aan sociale werkgeversbijdragen. 

Steeds meer flexibiliteit 

Naast de bezuinigingen op de sociale zekerheid, maakt de regering de arbeidsmarkt nog onzekerder (contracten van 3 uur toegelaten, afschaffing van bepaalde nachtpremies, algemene invoering van flexi-jobs, uitbreiding van het aantal belastingvrije overuren, beperking van de opzegtermijnen, flexibelere werktijden, enz.). 

Volgens de Nationale Bank van België lijken de verwachte gevolgen voor de werkgelegenheid sterk overschat en zijn de begrotingswinsten beperkt.  In feite vormen de aanvallen op de sociale zekerheid en het arbeidsrecht de twee kanten van dezelfde strategie, die erop gericht is de druk op werknemers en werkzoekenden op te voeren, zodat zij gemakkelijker banen accepteren die minder bescherming bieden, minder goed betaald of zwaarder zijn. 

Het klimaat, de grote afwezige in de begroting 

€ 0. Dit is het bedrag aan nieuwe netto-overheidsinvesteringen dat is voorzien voor de ecologische transitie. 

Daarentegen stijgen de milieubelastingen, wat de koopkracht van de huishoudens zal drukken. 

De meerwaardebelasting als rookgordijn 

Hoewel de meerwaardebelasting, die door de regering wordt voorgesteld als een bijdrage van de rijksten, een groot deel van het publieke debat in beslag heeft genomen, maakt deze slechts een klein deel uit van de fiscale maatregelen van Arizona – namelijk 0,7% van de totale begrotingsinspanning. 

De belasting op meerwaarden, die door de talrijke uitzonderingen sterk wordt beperkt, zou volgens de regering slechts 500 miljoen euro opleveren, en volgens het Rekenhof 120 miljoen euro. 

In totaal bedragen de maatregelen waarbij een bijdrage wordt gevraagd van hoge inkomens en kapitaal 5,1 miljard euro, wat neerkomt op 7,5% van de netto begrotingsinspanning. 

De begroting is geen noodlot. Er zijn ook andere mogelijkheden. 

Gezien de internationale crisis schat de Nationale Bank de extra inspanning die tegen 2029 nodig is, vandaag op 14,7 miljard euro. Wil de regering de bevolking, die al zwaar te lijden heeft onder een beleid dat niet werkt, dit blijven laten betalen?  

Uit alternatieve scenario’s, die door het Federaal Planbureau zijn doorberekend, blijkt dat het mogelijk is om de overheidsfinanciën op een andere manier weer in evenwicht te brengen:  

  • De inkomsten globaliseren: inkomsten uit vermogen op dezelfde manier belasten als inkomsten uit arbeid, en wel progressief.
  • Fiscale niches reguleren: belastingontduiking doeltreffend bestrijden en een einde brengen aan misbruik door managementvennootschappen en aan bepaalde subsidies voor bedrijven.
  • De sterkste schouders laten meebetalen: de bijdrage van de rijkste huishoudens verhogen.  

Het gaat dus niet alleen om het terugdringen van het tekort. Er moet ook worden beslist wie de financiële lasten draagt. Een begroting is nooit neutraal. Het laat zien waar een regering besluit te bezuinigen, waar ze besluit te investeren… en wie ze laat bijdragen. Uit de cijfers blijkt dat een andere verdeling van de inspanningen mogelijk is. Maar er moeten daarvoor andere keuzes worden gemaakt. 

👉 Om de volledige macro-economische analyse te downloaden en te lezen. (De link komt binnenkort)