Welzijn of er niet meer zijn: een sociale urgentie
Elk jaar op 28 april is het de Internationale Dag voor Gezondheid en Veiligheid op het Werk. Die dag staan we er bij stil dat werk ziek kan maken. Dit jaar zet de Algemene Centrale een fenomeen in de kijker dat steeds meer om zich heen grijpt: het psychosociaal onwelbevinden op het werk. Of het feit dat veel mensen zich niet goed voelen op het werk. Vandaag is dat psychische malaise uitgegroeid tot een echte kwestie van volksgezondheid, met meer dan 200.000 werknemers[1] die al langer dan een jaar arbeidsongeschikt zijn.

Maakt werk ons ziek?
In België zijn bijna 200.000 mensen
al meer dan een jaar arbeidsongeschikt.
Tussen stress, onzekerheid en kwetsbaarheid is de conclusie duidelijk:
voor velen is werk geen bron van voldoening meer,
maar van leed.
De Algemene Centrale luidt de alarmbel.
Welzijn op het werk is geen luxe.
Het is een sociale urgentie.
👉 Bekijk de getuigenissen.
Niemand is ervoor gevrijwaard.
[1] Terug Naar Werk-barometer over werknemers
Wat ons tot het uiterste drijft
Niet goed in je vel (fysiek en/of mentaal) zitten op het werk is geen onvermijdelijkheid. Het is het gevolg van arbeidsomstandigheden die schadelijk zijn voor de gezondheid. Een analyse van de oorzaken brengt verschillende risicofactoren aan het licht, vooral gelinkt aan stress.
De belangrijkste factor, goed voor 40% van de ervaren druk op de werkvloer, is de toegenomen werklast. Het gaat om een gevoel van te veel werk in te weinig tijd, een constante druk vanuit de organisatie, onregelmatige uurroosters en de nood om zich voortdurend aan te passen aan veranderingen die moeilijk bij te houden zijn.
Een tweede belangrijke risicofactor heeft te maken met sociale relaties. Het gaat om de verhouding met de hiërarchie en collega’s, maar ook om interacties met klanten, patiënten of leerlingen die spanningen of zelfs geweld kunnen veroorzaken.
Ook andere factoren dragen bij aan het gebrek aan mentaal welzijn op het werk: een gebrek aan organisatie of duidelijkheid in het management (chaosmanagement), mobiliteitsproblemen, de angst om zijn job te verliezen of bepaalde aspecten van de arbeidsomstandigheden. Die elementen versterken situaties die al onder druk staan en dragen bij tot een algemene verslechtering van het welzijn.

Om deze bevindingen te objectiveren, heeft de wetgeving een specifiek kader ingevoerd: de analyse van psychosociale risico’s, vastgelegd in de wet van 2014 (inwerkingtreding op 1 september 2014). Daarmee kunnen disfuncties op de werkvloer op een gestructureerde manier in kaart worden gebracht.
Maar het schoentje wringt… in de opvolging ervan[2]. Al te vaak blijven die analyses zonder concreet gevolg. Het is noodzakelijk om verder te gaan dan enkel vaststellingen te doen en de oorzaken van het onwelzijn echt aan te pakken.
Een probleem dat zich nestelt ... en verergert
De situatie ging er de afgelopen jaren op achteruit. Volgens de stressbarometer van Solidaris is het aandeel werknemers dat wordt blootgesteld aan een hoog of zeer hoog stressniveau in 13 jaar gestegen van 30% naar 41%, een toename met 11%.
Deze cijfers onderschatten de werkelijke stress nog. We hebben dus te maken met een probleem dat bijna één op de twee Belgische werknemers treft en het blijft toenemen. Arbeidsartsen die hierover werden bevraagd, stellen de voorbije jaren ook een stijging vast van het aantal consultaties gelinkt aan werkgerelateerde onbehagen. Bovendien verwachten zij dat de situatie de komende jaren verder zal verslechteren. [3].
[1] Stressbarometer Solidaris – 2012.
[2] De implementatie van een strategie ter preventie van psychosociale risico’s. Miet Lamberts en Laurianne Terlinden, oktober 2016, KUL en Hiva.
[3] Stressbarometer Solidaris – 2025.
Wanneer werk blijvend ziek maakt
De voorbije jaren zien we een verschuiving in hoe naar werk wordt gekeken. Volgens Solidaris vindt 60% van de werknemers dat je zonder werk niet bestaat in de huidige samenleving. Bij mensen die ziek zijn, werkloos zijn of als uitzendkracht werken, loopt dat cijfer op tot meer dan 70%.
Tegelijk wegen bepaalde vormen van onzekerheid rond werk zwaar op het welzijn. Uit een recent vakbondsonderzoek [1] blijkt dat zorgen zoals onzekerheid over de toekomst en de moeilijkheid om door te werken tot 67 jaar, werknemers bijzonder zwaar treffen.
In die context is het essentieel om de omvang van het fenomeen van langdurig zieken te onderstrepen, in het bijzonder wanneer het gaat om psychische aandoeningen. Vandaag zijn bijna 200.000 mensen al langer dan een jaar arbeidsongeschikt, een groep mensen die blijft groeien. Recente regeringsmaatregelen, onder meer inzake pensioenen, en de stigmatisering van zieke werknemers dreigen deze situatie eerder te verergeren dan op te lossen. Gelet op deze zorgwekkende evolutie slaat de Algemene Centrale alarm en maakt ze een krachtig statement: in de toekomst wordt het: het welzijn of er gewoon niet meer zijn.
[1] Vakbondsonderzoek naar het welzijn op het werk in december 2025, 410 respondenten. De respondenten werden gevraagd naar de oorzaken van hun gebrek aan welzijn. Niet gepubliceerd.
Achter de cijfers schuilt de realiteit
Psychosociale welzijnsproblemen op het werk treffen geen kleine minderheid. Vandaag zegt bijna één op de twee Belgische werknemers een hoog of zeer hoog stressniveau te ervaren.
Maar achter die cijfers is het moeilijk om een duidelijke grens te trekken tussen wie al lijdt en wie nog geen problemen ervaart. De oorzaken zijn veelzijdig en hangen ook samen met de plaats die werk inneemt in ons leven en in onze samenleving. Met andere woorden, deze realiteit gaat ons allemaal aan.
Met de getuigenissen die we in deze campagne naar voren brengen, willen we één eenvoudige boodschap meegeven: het kan iedereen overkomen.

Raquel - Dienstencheques
Ik werk al meer dan 10 jaar in de dienstenchequesector. Voor mij komt het gebrek aan welzijn op het werk voort uit het gevoel dat je altijd moet blijven rennen, dat je voortdurend tegen 100 per uur leeft. In mijn job heb ik niet altijd tijd om ’s middags te eten tussen twee klanten in, zeker niet als ze ver uit elkaar wonen of als er werken zijn onderweg.
Tijdens de vakantie hou ik dat tempo aan. Ik werk mijn klusjes snel af zodat ik weg kan... en dan denk ik: "Wacht even, ik ben met vakantie, ik hoef dat niet te doen! Maar het is moeilijk om te stoppen, het zit allemaal in mijn hoofd...
Het keerpunt kwam toen ik ziek werd door stress. Die pauze deed me inzien dat ik datzelfde tempo ook thuis oplegde, aan mijn kinderen. Toen besefte ik dat het te ver ging. Vandaag probeer ik meer tijd te nemen, bv. om ’s middags te eten. Nu de collega’s nog overtuigen…
Christophe - Beton
Na drie jaar als dispatcher in een betonleveringsbedrijf kon mijn lichaam de stress niet meer aan. Ik kreeg de diagnose diabetes. Het was een erg complexe en veeleisende job. Ik had nooit een moment voor mezelf. Ik werd voortdurend aangesproken en werkte meer dan 16 uur per dag.
Zelfs thuis liet het werk me niet los. Soms werd ik midden in de nacht wakker en vroeg ik me af of ik niets vergeten was, om er zeker van te zijn dat alles de volgende dag goed zou verlopen.
De kleinste fout kon alles stilleggen. De goede werking van het hele bedrijf hing af van mijn werk.
Toen de ziekte werd vastgesteld, zei de arts dat die gelinkt was aan overbelasting. Nochtans had ik geen andere risicofactoren: ik ben niet zwaarlijvig en ik rook niet.
Toen ik opnieuw ging werken, was het niet evident om voltijds te hervatten met de behandeling. Ik moest me tot vijf keer per dag insuline inspuiten. Daarom ben ik deeltijds gaan werken, maar daar is in deze sector weinig begrip voor.
Ziek zijn is een dubbele straf. Eerst is er de ziekte zelf, die al moeilijk genoeg is. Dan is er nog de manier waarop andere mensen naar je kijken en op het werk hebben ze het idee dat je van de situatie profiteert of dat je niet langer in staat bent om je werk goed te doen. Vandaag heb ik bewezen wat ik kan: men waardeert mij om mijn werk, niet om mijn ziekte.

Renaud - Bouw
Ik werk in de bouw en de mentale belasting is enorm. Ik word regelmatig meer dan 100 km van huis gestuurd, terwijl er werven zijn op 15 of 20 minuten.
De hiërarchie perst ons uit als citroenen. Er staat voortdurend druk op de deadlines en die komt volledig op ons neer. Dat verhoogt het risico op ongevallen. We lopen gevaar. Het is niet alleen mentale druk, het is ook gewoon gevaarlijk werk.
Ik hoop het vol te houden tot aan mijn pensioen. Maar als ik mijn collega's op het einde van hun loopbaan zie, merk ik dat ze van kop tot teen kapot zijn. SWT bestaat niet meer. Velen moeten vertrekken wegens medische overmacht, zonder compensatie. Na een loopbaan die hen volledig heeft uitgeput, vind ik het een gebrek aan respect om hen zo aan de kant te schuiven. Ze hebben hun hele leven in de sector gewerkt. Dat is mensonwaardig.
Vandaag denk ik dat werk niet langer iets mag zijn waar we maar net van rondkomen, maar iets waar we gewoon goed van kunnen leven.
Sandy - Textiel
De laatste jaren moet het altijd meer en sneller. De druk wordt steeds groter en de jobzekerheid steeds kleiner. Onze leidinggevende heeft targets te halen en schuift die door naar ons. Iedereen doet echt zijn best, maar er is jammer genoeg geen erkenning voor goed werk enkel nog rap, rap, rap en meer, meer, meer. Het werk kan niet goed meer gedaan worden, aangezien we aan duizend dingen moeten denken.
Eens thuis, blijft het doorrazen. Ik kan die knop niet goed omdraaien. Het gebeurt dat ik in mijn slaap wakker schiet en denk “amai, ben ik dat vergeten… en heb ik dat wel gedaan?” Ook mijn collega’s gaan ook onder de stress gebukt. Sommigen barsten in tranen uit of vallen uit wegens ziekte.
Onder andere de stress zorgde voor aanhoudende spierpijnen bij mij. Het is allemaal begonnen toen ik een jaar of tien in de wasserij werkte. Altijd voortdoen, voordoen. Ineens kreeg ik pijn: aan mijn polsen, dan mijn elleboog, mijn nek … en het bleef maar pijn doen. Na veel onderzoeken en testen werd het duidelijk: fibromyalgie. Een chronische ziekte, die niet meer weg zal gaan. En hoe meer stress ik heb, des te meer pijn het doen. Op vakantie is de pijn draaglijk, maar eens ik terug aan de slag ben en de stress toeslaat, voel ik het weer hevig.
Pak de oorzaken aan, niet de slachtoffers
Deze problematiek treft intussen bijna één op de twee werknemers. Het is dus dringend nodig om de oorzaken van psychosociale problemen op het werk grondig aan te pakken. De cijfers zijn bekend, de analyses bestaan. Wat vandaag ontbreekt, zijn structurele antwoorden die de ernst van de situatie weerspiegelen.
Voor de Algemene Centrale betekent dit onder meer:
- De stigmatisering van zieke werknemers een halt toeroepen
Stigmatisering leidt de aandacht af van de echte oorzaken – de arbeidsomstandigheden – en versterkt het schuldgevoel bij de betrokken werknemers. Ze vergroot de afstand tot een terugkeer naar het werk onder gezonde omstandigheden.
- De controle op het welzijn op het werk versterken
Arbeidsomstandigheden verdienen meer aandacht en controle. Vandaag schieten de middelen tekort: er zouden drie keer zoveel inspecteurs nodig zijn om te voldoen aan de Europese aanbeveling van één inspecteur per 8.000 werknemers. Maar controle alleen volstaat niet. Er is nood aan een echt preventiebeleid, want dat is de enige manier om de toename van werkgerelateerde aandoeningen duurzaam aan te pakken. Burn-out als volwaardige beroepsziekte erkennen
Het is moeilijk te begrijpen waarom een aandoening die duidelijk werkgerelateerd is, nog altijd niet als dusdanig wordt erkend in België. In dat kader roept de Algemene Centrale FEDRIS op om werk te maken van een officiële erkenning, zoals die al bestaat in andere landen, onder meer in Frankrijk.
Omdat werk nooit ziek zou mogen maken, is het dringend nodig om de oorzaken van psychosociale welzijnsproblemen op het werk aan te pakken.
