Vergoeding in geval van langdurige ziekte

Bij langdurige ziekte heb je recht op een aanvullende vergoeding. Na de periode van gewaarborgd loon ontvang je van de mutualiteit een uitkering: dit is in principe 60% van het loon (met een maximum).

Vanaf de tweede maand ziekte betaalt het Fonds een vergoeding die gelijk is aan 40% van de bruto tussenkomst van de mutualiteit.

De duurtijd van vergoeding is gekoppeld aan de anciënniteit in de sector:

  • maximaal 6 maanden voor werknemers die minstens 6 opeenvolgende maanden hebben gewerkt vóór het begin van de ziekte;
  • maximaal 12 maanden voor werknemers die minstens 12 opeenvolgende maanden hebben gewerkt vóór het begin van de ziekte.

Wanneer een werknemer die 6 of 12 maanden heeft opgebruikt (bijvoorbeeld door herhaaldelijke ziekte) moet hij die anciënniteit opnieuw verwerven om recht te hebben op een nieuwe aanvullende vergoedingsperiode.

 

 

In het geval van tijdelijke werkloosheid te wijten aan het coronavirus, zal de bijkomende vergoeding langdurige ziekte onmiddellijk gebeuren d.w.z. vanaf de eerste dag ten laste van de mutualiteit. De aanvraag dient zoals gebruikelijk te gebeuren via het aanvraagformulier (https://fsend-sfsoo.be/_library/_files/2017_Formulier%20langdurige%20zi… ), vergezeld van een attest van de mutualiteit.